Weet je wat ik nou zo lúllig vind?
Dat als ik een offday heb, er altijd honderdduizend van die kleine kl*tedingetjes misgaan. En dat de héle dag door. Een bak cornflakes over je broek, een lekkende beker in je tas, sleutels kwijt, dat soort geneuzel. Dat stelt toch geen zak voor? Gerommel in de marge is het. Meer niet.
Ik denk dan serieus; waarom gaat er niet gewoon één groot ding mis. Een auto die niet start, een verstopte WC, een kleine meteoor in de achtertuin. Niet echt catastrofaal, maar gewoon om genoeg flink van te balen. En dat het dan ook duidelijk is waarván je baalt.
Want dan heb je tenminste echt wat te zeiken. Als je WC verstopt is, dan is dat lullig. En dan snapt iedereen dat jede pee in de plee in hebt. En dat je naar huis moet omdat de loodgieter komt. Zelfs met een flinke vloeksessie kom je in zo’n geval nog wel weg. Als je daarentegen volkomen over de flos gaat vanwege een klemzittende koffiekandeksel, dan komt dat meteen heel gefrustreerd over.
Kortom, moederende werkers en andere arbeiders verenigt u! Ik pleit ervoor om niet elke keer één bordje te laten vallen. Dat schiet toch niet op. Gewoon zorgen dat het complete servies naar beneden klettert. De hele mieterse bende in één keer op de grond smijten.
Kan je tenminste met goed fatsoen gaan puinruimen zonder dat je wordt gehinderd door het overige servies dat in de lucht moet blijven.
En een héleboel scherven brengen vast ook een héleboel geluk.