Blog Archives

Tag Archives: baby

Aan de bedelstaf

Sint Maarten, Sint Maarten, de koeien hebben stáárten.

Het zal ongetwijfeld niet de bedoeling zijn geweest, maar ik heb in een deuk gelegen gisteravond.

Lizzy en Annabelletje hadden, heel schattig, twee chaperonnetjes. Het ene chaperonnetje struikelde echter al na twee meter over zijn lampionnetje. Het lampje brandde nog, maar verder was het huilen. Zijn grote broer nam het gehavende exemplaar over. Helaas struikelde het kleintje vlak daarna wéér. En zo ging de optocht verder met twéé gehandicapte lampionnen.

Én met een kapot lampje. Annabelletje had het hare als een soort vliegenmepper op een kat gebruikt. De kat bleek wel tegen de klappen bestand, het lampje niet. Ook Lizzy kwam er niet zonder kleerscheuren vanaf. Al struikelend betrad ze de tuinpaadjes. Niet dat haar lichtje zo onhandig was. Nee, het was haar jurk. (Ze had besloten in haar prinsessenjurk ten strijde te trekken). Lizzy was waarschijnlijk de enige die het st. Maartenlied een aantal keer horizontaal ten gehore bracht. (Dat leverde overigens vaak wel extra lekkers op).

Annabel gedroeg zich verder goed. Alleen weigerde ze te lopen. Tenminste, tótdat ‘de mand met lekkers’ tevoorschijn kwam. Kreeg ze díe in 't oog, dan vloog ze naar de voordeur als afgeschoten door een katapult. “Etah, etah” riep ze, terwijl ze iedereen opzij duwde. Gelukkig voor haar zus haakte Annabel al snel af. En daarna was ook het jongste vriendje ‘moe’. Lizzy en haar chaperon gingen nog even door. Als twee kleine misdienaartjes stonden ze hand in hand te zingen. Onschuldige koppies, engelachtige lachjes. Hun schattigheid zorgde al snel voor volle tassen.

“Hoe ging het?” vroeg Paul toen we bepakt en bezakt thuiskwamen.
“Als ik ooit aan de bedelstaf geraak, dan weet ík wel wie ik meeneem,” antwoordde ik.

Vormvrij

En vandaag wil ik het eens van júllie horen.

Wat gaan jullie doen vandaag? En morgen? En vannacht? Wat mij betreft zijn de rollen even omgedraaid. Terwijl ík druk ben met de knutsels voor vanavond, mogen jullie schrijven.

Wat houdt je bezig. Wat ga je doen. Waarom.

Druk druk druk!

Zo zeg, dat was me het dagje wel.

Rond tien uur kwam ik binnenvliegen op mijn werk. Vrijwel direct werd ik weer opgepiept door het thuisfront. Er zat een meneer bij ons thuis die de computer zou komen reanimeren. Echter die meneer kon geen wijs worden uit het lijstje dat Paul voor hem had klaargelegd. Het wachtwoord was niet goed. “Dan moet je Paul even bellen, zijn nummer heeft hij opgeschreven.” “Maar er wordt niet opgenomen,” zei de meneer. Aldus was ik een half uur later weer onderweg naar huis.

Na dit computerdebacle haastte ik me weer naar kantoor. Een kleine vergadering later spurtte ik weer weg. Afspraak bij de fysiotherapeut. Dit vanwege hardnekkige rug- en nekklachten. Die was ik voor de verandering maar eens serieus was gaan nemen toen ik onlangs ’s nachts wakker werd met half tintelende, half gevoelloze handen. Aan het einde van de middag, ik was weer terug op mijn plek, constateerde ik dat het me nooit zou lukken mijn werk af te krijgen. Aangezien dit (deels) de schuld van Paul was, belde ik hem dat hij voor straf eerder thuis moest komen. Ik zou ’s avonds doorwerken.

Half acht was ik thuis. Net op tijd voor de beloofde verhaaltjes aan de kinderen. En om ze een nachtkus te geven. En nog een. En nog ééntje dan. Smak, smak, smakkerdesmak. Ik verlangde naar de douche. De fysiosessie van die middag had aardig wat spierpijn opgeleverd. Ik had dringend behoefte aan warm stromend water. Daarna moest ik nog een column schrijven. Rond tien uur was alles klaar. Ik wilde net op de bank duiken toen een vriendin zich meldde via MSN.

“Hoe was het bij de fysiotherapeut?” vroeg ze.
“Hij was ernstigs ontstemd over de mate waarin ik mijn lichaam overbelastte,” schreef ik.

“Wat raar,” mailde ze terug.

Hatsjoe!

Lizzy niest en besproeit de bank.

"Hand voor je mond als je niest."
"Maar daar had ik geen tijd voor! Ik moest heel nódig niezen!"

Eikels!

Minister-president Balkenende slaat zichzelf regelmatig op de borst.

Vooral zijn huidige normen- en waardenbeleid spreekt tot de verbeelding. (Ja, het is ook heel (w)aardig om te stellen dat een vrouwenhandweigerende imam er óók bij hoort. Dat we zijn geloof in dezen gewoon moeten respecteren.)

"Het is nodig," zegt de Norm Aal uit Den Haag. De hele maatschappij is norm- en waardeloos aan het worden. We vallen elkaar lastig, we schieten op leraren als we moeten opschieten. We stelen, liegen en bedriegen. En, zoals uit onderstaand krantenbericht blijkt, we hebben totaal geen respect meer voor de natuur.

Maar waarom moet de journalist nou meteen gaan schelden?!

Drie-eenheid

Annabel is momenteel een beetje antipappa.

Dat is jammer voor Paul. En voor Annabel zelf natuurlijk. Maar eerlijk gezegd vind ík het vooral jammer voor mamma. Want die loopt nu continu met een soort dweil achter zich aan. Werkelijk geen stap kan ik verzetten zónder die nijptang om mijn benen.

Lizzy heeft zo haar eigen ideeën over het kleefkind aan mijn rok. “Samen delen,” zegt ze tegen Annabel. “Niet alleen speelgoed, óók mamma.” En dus staan ze rustig een kwartier te bakkeleien over wie aan welk been mag hangen. Om zeven uur ’s ochtends. En probeer dan maar eens je tanden te poetsen. Of te plassen.

Ik voel me dezer dagen net een hockeykeeper. Zo’n stoere vent met van die enorme beenkappen om. Wijdbeens en met zichtbare moeite ploeg ik door het huis. Vaak ga ik maar snel op de bank zitten. Dan klimmen ze omhoog tot op schoothoogte en drinken rustig hun thee.

“Wat een geweldige dochters heb je toch,” zei een vriendin gister toen ze ons in bovengenoemde houding als een ware drie-eenheid op de bank aantrof. “Nou,” grijnsde ik. “Heerlijke meiden zijn het!"

Alleen zijn ze nu even een blok aan mijn been.

Goedemorgen

Het was vroeg.

Ik weet niet meer precies hóe vroeg, maar iedereen sliep nog. Ik niet. Ik was wakker geworden van een soort geklopt. Een zacht getik, beneden bij de voordeur. Het klonk dof, onbekend. Het bleef doorgaan. Ik luisterde er een tijdje naar – wat zou zijn, een vogel? – en probeerde weer te gaan slapen.

Na een kwartier lag ik nog wakker. Het getik bleef aanhouden. Het maakte me nerveus. Een tijdje probeerde ik het te negeren. Uiteindelijk besloot ik maar om toch te gaan kijken. Ik sloeg het dekbed van me af en probeerde niet te rillen. Er was iets. Er was iets veranderd in de atmosfeer. Voorzichtig, op blote voeten liep ik de trap af. Het getik werd luider.

Bij de voordeur sloeg de twijfel toe. Wilde ik het wel weten? Wat als het geen vogel was? Straks was het de buurman, stond ik daar in mijn onderbroek. Ik gluurde door het kleine raampje; niets. Het getik was nu vlakbij. Het was dwingend. Het wilde iets. Een actie. Ik haalde diep adem en opende de deur.

“Goedemorgen,” zei de herfst. “Daar ben ik dan eindelijk.”

Top Vijf

Herfst ergernissen Top Vijf

1. Slakken (vooral de naakte, die waar je over uitglijdt)
2. Spinnen (en -webben waar je met je bakkes in blijf hangen)
3. Fruitvliegjes (het zijn er echt miljoenen, waar komen ze vandaan?)
4. Hondenkak (onzichtbaar onder de gevallen bladeren)
5. Dauw en regen (natte billen van alles waarop je gaat zitten)

Voordelen van de herfst

Geen.