Münchhausen Moeder

Vroeger duwde ik een buggy, tegenwoordig een rolstoel.

Een geheel nieuwe ervaring, die op een bepaalde manier toch vertrouwd aanvoelt. Dan zie ik mezelf weer een peutertje richting het consultatiebureau duwen en zeg ik soms zomaar dingen als: “Kijk dan Lizzietje, wat een lief poesje! Wat doet het poesje? Doet poesje miauw?” (Wat me dan uiteraard een nijdige blik oplevert van mijn inmiddels twaalfjarige dochter.)

Post-Buggy-tijdperk

Maar de verschillen met het buggy-tijdperk zijn natuurlijk veel groter dan de overeenkomsten. Om te beginnen is de vracht (flink) zwaarder en geeft deze opeens instructies (“mahám! Ik wilde naar díe winkel! Duh!”) in plaats van luchtkusjes. Daarnaast is zo’n rolstoel een behoorlijke aanslag op mijn ruimtelijk inzicht (ik heb soms al moeite met mijn eigen omvang, ik snap werkelijk niet hoe al die bejaarden dat doen met die rollators en zo) vanwege lang niet zo wendbaar als een buggy! Al op de eerste dag ramde ik drie geparkeerde auto’s, snoeide ik ongewild een heg en reed ik bijna de buurman aan. Tot groot ongenoegen van Liz, die me toebeet dat het ‘vast’ en stuk minder gevaarlijk was als ze gewoon ging lopen. Meniscus-technisch en zo.

Gelukkig gaat het inmiddels al wel veel beter. Al heb ik wel voor de zekerheid het verzekerde bedrag op onze aansprakelijkheids- verzekering verhoogd.

Verschil met vroeger

Maar verreweg het grootste verschil met ‘vroeger’ is de manier waarop onbekenden op je reageren wanneer je als moeder een kind duwt in een rolstoel (dat nu ook nog een bionicbeen compleet met brace, heeft!).

Münchhausen Moeder

Zo heb je types die meteen een zesendertig houdingen springen om dingen aan de kant te zetten die niet in de weg staan of deuren op te houden waar je niet doorheen wilt. Je hebt moeders die je vol medelijden aankijken (niet zelden stoten ze dan ook hun man nog aan waarna ze iets lijken te zeggen als ‘ach kijk, een gehandicapt kindje’) en je hebt mensen die vragen wat er gebeurd is en die meteen onderstrepen dat dit ‘voor jou als moeder’ ook best zwaar zal zijn. Dat laatste vind ik stiekem dan eigenlijk wel prettig, waardoor ik me vervolgens op een soort Münchhausen-achtige manier dan ook weer schuldig voel. En naast een heleboel lieve mensen (wildvreemden die bemoedigend knipogen, vind ik zo lief!) heb je natuurlijk óók de standaard bemoeials, mensen die alles bagatelliseren (“Inderdaad, kanker is erger. Zucht.”) en irritante ras optimisten. Die laatsten zeggen dingen als: “Ach, die zes weken zijn zo voorbij!” Wat ze steevast een geïrriteerde blik van Liz oplevert.

De Leukste Thuis

Je hebt ook mensen – type ‘De Leukste Thuis’, meestal mannen – die gewoon dingen roepen in het voorgaan. Zo hebben we al gehoord: “O, heb jij je beste beentje voorgezet?” “Ben je met het verkeerde been uit bed gestapt?” “Wel doorduwen, moeder!” En het altijd grappige: “Staat ze nou nóg niet op eigen benen?!” Ha. Ha. Ha. Echt leuk. Not.

Wat een lul!

Je hebt ook heel asociale mensen. Zo stond ik onlangs bij een stoplicht toen een meneer net voor mijn neus zijn fiets tegen het stoplicht parkeerde. Hierdoor kon ik niet meer bij het knopje zonder de rolstoel los te laten. Toen ik vroeg of hij misschien zijn fiets niet beter even ergens anders kon neerzetten schamperde hij ‘echt niet’ en liep gewoon weg. “Wat een lul”, zei Liz. En hoewel ik het gebruik van scheldwoorden bij mijn kinderen niet aanmoedig, leek het op dit moment het enige juiste om te zeggen.

Ja. Er gaat een heel nieuwe wereld voor ons open. En ik ben dan ook reuze benieuwd hoe het straks op (aangepaste) vakantie in Kroatië gaat. Ik bedoel, als je érgens ongeveer nergens komt met een rolstoel dan is het dáár wel. Maar we gaan lekker toch.

Sorry!

Een ding is zeker, de kans dat we daar een lolbroek of bemoeial tegenkomen die we kunnen verstáán is in elk geval een stuk kleiner. En mochten we hem of haar dan toch per ongeluk verstaan, ach, dan kunnen we nog altijd zorgen voor een goedgeplaatste ‘motorische’ beuk. Béng.

Oepsie. Sorry. Het is hier ook zó hobbelig.

Liz schreef ondertussen haar eerste boekreview op mijn blog. Lezen? Klik hier.

Tagged , ,

6 Responses to "Münchhausen Moeder"

  • Linda van der Klooster
    18 juli 2015 - 10:50

    Haha, ik was die van die zesendertig houdingen. Tot ik samenwerkte met een meisje in een rolstoel dat me leerde dat ze daar ook best zelf om kon vragen als het nodig was. Daarna was de samenwerking voor ons allebei een stuk rustiger.
    Maar ik kan me voorstellen dat dit voor jou als moeder ook best zwaar is.
    Bemoedigende knipoog voor Lizzy 😉

  • Denise M
    18 juli 2015 - 10:54

    Leuk stukje, mooi begin ook, en ik moest een paar keer lachen, maar het lijkt me inderdaad een heel gedoe. Sterkte voor jou, voor Lizzy ook natuurlijk, en voor jullie alle vier eigenlijk. Een hele fijne vakantie! Goed dat je gewoon gaat!

  • Granny
    18 juli 2015 - 12:26

    Ben benieuwd hoe het op vakantie gaat…
    Veel plezier…gaat vast lukken…

  • Esther Vuijsters
    18 juli 2015 - 12:33

    Hahaha Linda 🙂 Wel goed dat ze het zelf aangaf. En Denise, dank, gedoe went wel hoor. Ik blijf er wel fit bij 🙂 Heb nu rolstoelspierballen, haha.
    Liz zelf geeft aan dat ze vooral gek wordt van mensen die beter weten dan zij wat ze kan, dan staat ze op uit haar rolstoel (wat ze natuurlijk gewoon kan want krukken) en dan duwen ze haar zowat weer in de stoel. Lieve bezorgdheid natuurlijk maar soms wordt ze er gek van, kan ik me voorstellen. Wat ik zelf ook heel bijzonder vind is wanneer mensen tegen mij over Liz praten alsof ze niet helemaal goed bij haar hoofd is (of alsof ze er niet bij is). En echt, bijna iedereen glimlacht of knipoogt naar me als de blikken kruisen, het is echt apart om mee te maken.

  • Inge
    18 juli 2015 - 13:15

    Herkenbaar verhaal. Heb een aantal jaren geleden mijn onderbeen/knie verbrijzeld (is weer goed, goddank). Zat zelf in de rolstoel, mijn kerel moest meestal duwen. Gingen we op een terrasje zitten, ik bestel een rode wijn, vraagt de serveerster aan mijn man of ik dat wel mocht, nou ja. En in de boekwinkel waar ik wat tijdschriften kocht en met 50 euro betaalde werd het wisselgeld ook aan hem uitbetaalt alsof ik niet meer kon rekenen. Mensen lijken te denken dat ook je hersencellen zijn aangetast als je in een stoel zit.

    Ik moet zeggen, ik vond het een verhelderende periode, wist dat ik er na twee maanden weer uit mocht, maar begreep wel beter wat gehandicapten in een stoel moesten meemaken. De rolstoeltoilet die als opslag gebruikt wordt en waar de kratten en opzij geschoven worden zodat je wel kan plassen maar niet je handen kan wassen, de onbegaanbare winkels, alle versperde stoepen, de draaideuren waar je met je vooruitgestoken been bijna klem komt te zitten en inderdaad de rare reacties van mensen. Iedereen schijnt ook ineens te moeten weten wat je mankeert. Loop je (rol je) door de AH vragen wildvreemden wat je mankeert en wat er is gebeurd. Pardon?

    Ik was zo blij dat ik er weer uit mocht, maar weet nu wel erg goed wat mensen die er altijd in zitten te verduren krijgen.

  • Joolzz
    18 juli 2015 - 16:05

    Hihi, ik zie het helemaal voor me! “Mahàààm, doe normaal!’ 🙂

Leave a Reply